Een vriendin, strak van de spanning, hád al zo veel sores aan haar hoofd en nu moest ze ook nog eens de oceaan overvliegen voor zaken in Amerika. Ze snakte naar een paar uurtjes slaap, maar daar zat ze dan: geen raamplaats, geen gangplaats, maar een stoel tussen twee grote mannen in. Kon het slechter?

Na de maaltijd probeerde ze te slapen. Een uur lang bewoog ze rusteloos van links naar rechts, strekte de benen, trok ze weer in en gebruikte dan weer het opklaptafeltje, dan weer haar eigen arm als hoofdkussen. Tevergeefs. Nog geen minuut kwam ze tot rust. 

Toen zei de oudere man aan haar linkerzijde: ‘Madame, ik zie dat u gespannen bent. Geef me uw hand, dan help ik u slapen.’ Ze keek hem aan. Wat moet die man van me? De vriendelijke Fransman voelde haar argwaan en glimlachte geruststellend: ‘Geef me uw hand in a friendly way.’ Te moe om weerstand te bieden, besloot ze hem te vertrouwen en legde ze haar hand in de zijne. Binnen enkele minuten was ze in diepe slaap.

Uren later opende ze haar ogen en zag zichzelf zitten, hand in hand met een wildvreemde, die ontspannen voor zich uit keek. Voorzichtig trok zij haar hand terug en vroeg: ‘Wat heeft u met mij gedaan? Bent u een soort heler of zo?’ 

‘Oh, nee hoor’, lachte de man. ‘Nee, het heeft niets met magie te maken. Toen u mij uw hand gaf, kon ik wat van uw spanning overnemen, waardoor u in slaap kon vallen.’

Dat is inderdaad geen magie. We kennen allemaal het belang van fysiek contact. Door een aanraking voelen we ons erkend, gewaardeerd. Onderzoek heeft bovendien aangetoond dat kinderen die te weinig of liefdeloos worden aangeraakt, slechter groeien, minder goed leren, kwetsbaarder zijn voor ziekten en zich minder goed kunnen inleven in anderen. Als volwassene hebben ze meer moeite met intimiteit.

Eigenlijk is dat logisch. Je hoeft geen wetenschapper, heilige, heler of Fransman te zijn om te beseffen hoe belangrijk contact is, of een gevoel van verbondenheid. Niet voor niets zijn de woorden ‘heling’ en ‘heilig’ afgeleiden van het woord ‘heelheid’. Door uit te reiken naar een ander had de Fransman een deel van de heelheid hersteld. Hij had de last, die zo zwaar kan zijn als je hem alleen draagt, een stukje lichter gemaakt. 

Hoe zou het zijn als wij vaker zouden uitreiken naar een gespannen medemens? Hoe zou de wereld eruit zien als wij onszelf meer als deel van het geheel zouden zien en de last van armoede, honger, ziekte en oorlog eerlijker over de schouders van de mensheid zouden verdelen? 

Hoe zou het zijn als wij elkaars hand eens wat vaker in a friendly way zouden vasthouden?

Bron: Tijn Touber