De ayurvedische kijk op voeding is bijzonder omdat het hoe, wat en wanneer in relatie tot de dosha (type energie) die jij bent onder de aandacht wordt gebracht.

Ayurveda is waarschijnlijk de oudste levens- en gezondheidsleer ter wereld. De betekenis is letterlijk ‘de wetenschap van het leven’. Ayurveda vindt zijn oorsprong in India, waar de leer al zo’n 5000 jaar geleden werd gebruikt. Het heeft zich gedurende de eeuwen verspreid naar landen over de hele wereld.

De voedingsleer binnen de Ayurveda is bijzonder omdat het dieet zich richt op het persoonlijke welbevinden van een persoon. Hierbij worden psychische, lichamelijke en spirituele factoren meegenomen. In de Ayurveda gaat men ervan uit dat er drie levensenergieën de constitutie van elk mens bepalen. Dit zijn de Vata, Pitta en Kapha, de drie dosha’s. Dit betekent “dat wat verandert” in het sanskriet.

Volgens de Ayurveda heeft ieder mens alle drie de dosha’s in zich, maar er is er meestal een dominant. Iedere dosha heeft zijn eigen kenmerken en aandachtspunten. Afhankelijk van de dominantste dosha kun je de adviezen, horend bij de dosha, opvolgen om zo gezond mogelijk te eten. Op die manier werk je toe naar een evenwichtig welbevinden.

Vata werkt in op verandering, ademhaling, kloppen van het hart en beweging van de spieren.

Kapha bestaat uit water en aarde en werkt in op beweging en vermenging. Deze is verantwoordelijk voor een gezond hart, houdt de energie op pijl en versterkt het immuunsysteem.

Pitta werkt in op de stofwisseling en is verantwoordelijk voor de spijsvertering en de opname van voedingsstoffen.

De dominantie van een van de dosha’s wordt aan het lichaam waargenomen door onder andere de huidstructuur, de lichaamstemperatuur en spijsvertering in kaart te brengen. Er bestaan online testen om je dominante dosha te ontdekken, maar er zijn ook natuurgeneeskundige praktijken die deze voor je kunnen uitmeten.

De belangrijkste algemene voedingstips zijn:

  • Dagelijks op regelmatige tijden drie verse maaltijden nemen.
  • De lunch is de grootste maaltijd van de dag, ontbijt de kleinste.
  • Water warm drinken. Niet de kwantiteit is belangrijk, maar de frequentie. Drink met regelmaat kleine slokjes warm water.
  • Warm eten: altijd vers, uit eigen streek, goed gaar gekookt.
  • Vooral voedsel eten dat de hoogste dosha’s kalmeert.
  • Geen alcohol en/of koffie. Meditatie is een effectief alternatief.
  • Voorzie iedere maaltijd van de zes smaken: Zoet, zuur, zout, bitter, scherp, samentrekkend (wrang).

In de keuze voor voeding zijn de volgende aandachtspunten belangrijk:

  1. Eet voedsel dat aan bederf onderhevig is. In dat geval is het een vers en levend product. Aan voorgekookte en kant en klaarmaaltijden worden meestal stoffen toegevoegd om de houdbaarheid en smaak te verbeteren. Dit zijn meestal niet erg gezonde producten.
  2. De verschillende kleuren van groenten en fruit worden gevormd door verschillende voedingsstoffen. Deze bevatten verschillende anti-oxidante, gezondheid beschermende fytochemicaliën, die weer belangrijk zijn voor je lichaam.
  3. Eet alleen natuurlijke zoetstoffen. Houd je erg van zoet, eet dan zoet fruit of gebruik een zoetmiddel waarin een hele vrucht is verwerkt (bijvoorbeeld eigengemaakte dadelstroop). Op die manier krijg je niet alleen de zoetstof binnen, maar alle voedingsstoffen en vezels uit het fruit.
  4. Eet volkoren granen.
  5. Stop met eten voordat je verzadigd bent. Hou een gedeelte van de maag vrij om de vertering goed op gang te laten komen.

Van belang is dat Ayurvedische maaltijden 6 verschillende smaken moeten bevatten. Dit zijn: zoet, zuur, zout, bitter, scherp en wrang. Dit is nodig om alle weefsels van de juiste bouwstoffen te kunnen voorzien. Daarnaast is voldoende zuurstof nodig voor een gezond lichaam en geest. Een juiste ademhaling zorgt voor ontspanning in je hoofd, maar ook voor ontspanning in de spijsvertering.

Meer informatie, recepten, tips en ideeën vind je hier:

http://www.vetvrij.com/ayurveda-voeding-en-recepten.html